Na drie jaar plots doorbraak na dodelijke brand Beringen: tieners bekennen dat ze vuurtje stookten

Beringen – Drie jongeren uit Beringen zijn opgepakt voor de noodlottige brand in het leegstaande gebouwencomplex op de Koolmijnlaan in Beringen in de zomer van 2019. Daarbij kwamen twee brandweermannen om het leven. De opgepakte tieners hadden vuurtje gestookt in het gebouw. Het gerechtelijk onderzoek naar de dodelijke brand van zondag 11 augustus 2019 is al drie jaar bezig. Deskundigenonderzoek wees uit dat de brand ontstond door een menselijke tussenkomst. Tijdens de bluswerken kwamen brandweermannen Chris Medo (42) en Benni Smulders (36) van het brandweerkorps van Heusden-Zolder om het leven. Een derde brandweerman, Arno Barzan, raakte zwaargewond. Doorbraak De dodelijke brand is tot in de details geanalyseerd. De brandbestrijding werd onder de loep genomen. Uit het technische evaluatierapport bleek eerder al dat de brandweer op de dag van de ramp correct had gehandeld. Uit het deskundigenverslag bleek ook al dat de brand wel degelijk was aangestoken. Maar tot nu was niet duidelijk wie hiervoor verantwoordelijk was. Maandag werd een doorbraak geforceerd in het onderzoek. Speurders van de lokale politie Beringen/Ham/Tessenderlo konden vier verdachten arresteren. Ze zijn allemaal afkomstig van Beringen. Uit de verhoren bleek dat één minderjarige mogelijk niets met de brand te maken had. Drie andere tieners dragen wel een verantwoordelijkheid. De jongens zijn intussen meerderjarig, maar op zaterdagavond 10 augustus 2019, de vooravond van de fatale brand, waren twee van hen maar 17 jaar. De derde was 18 jaar. De verdachten hebben de fatale afloop niet gewild, maar feit is wel dat ze de brand hebben veroorzaakt. Vuurtje stoken De jongens hadden in het vervallen winkelcomplex namelijk een vuurtje gestookt. Uit de verhoren zal moeten blijken of ze al dan niet de bedoeling hadden om het gebouw in brand te steken. De jongens zijn niet aangehouden. Ze zouden geen strafblad hebben en ze zijn niet gekend zijn voor criminele feiten. Wel zouden ze voor de fatale brand eerder al eens in het gebouw zijn samengekomen rond een zelfgemaakt vuurtje. Omdat er op dit ogenblik geen risico is op herhaling en doordat er geen vluchtgevaar is, kan geen hechtenis worden bevolen. “Het onderzoek is zo goed als afgerond. De verdachte die op het moment van de feiten meerderjarig was, zal voor de correctionele rechtbank moeten verschijnen. Voor de verdachten die toen nog minderjarig waren, wordt een doorverwijzing naar de jeugdrechter gevraagd”, zegt persmagistraat Bruno Coppin van het Parket Limburg. Opluchting Volgens de advocaten van de jongeren voelen ze alle drie dat er een last van hun schouders valt. “Mijn cliënt is opgelucht dat het van hem af is”, zegt Christophe Bielen, die een van de twee 17-jarigen vertegenwoordigt. “Hij heeft er heel lang mee geworsteld, het bleef aan hem knagen. Maar hij durfde het niet op te biechten nadat hij hoorde dat er twee brandweerlieden overleden waren. Mijn cliënt was ervan overtuigd dat het vuurtje uit was toen ze vertrokken. Het was zeker niet zijn opzet om brand te stichten.” Vedat Akdemir vertegenwoordigt de enige verdachte die op het moment van de feiten meerderjarig was. “Mijn cliënt was toen nog maar net 18. Hij zit momenteel met gemengde gevoelens. Enerzijds voelt hij zich natuurlijk niet goed, anderzijds is hij ook ergens opgelucht omdat hij zijn verhaal kan doen. Hij heeft heel lang met een slecht gevoel rondgelopen, maar hij durfde niet naar buiten treden.” Ook Akdemir benadrukt dat zijn cliënt niet de bedoeling had om brand te stichten. “Het ging om kwajongensstreken.” Drie jaar in een roes De derde verdachte, die op het moment van de feiten 17 jaar was, stond naar eigen zeggen een tijdlang buiten aan het pand. “Toen de andere twee het vuurtje wilden maken, wilde hij niet meedoen en ging hij naar buiten”, zegt zijn advocaat Carine op ’t Roodt. “Na een tijdje ging hij terug naar binnen om te kijken waar zijn vrienden bleven, maar zij zeiden hem dat het niet gelukt was om een vuurtje te maken. Het hout zou te nat zijn geweest. Mijn cliënt vertrok dus ook in de veronderstelling dat het vuur uit was. Tot natuurlijk bleek dat dit niet het geval was.” “Hij voelde zich heel slecht, zeker toen hij hoorde dat er twee mensen overleden waren. Sindsdien is hij niet meer in staat om normaal te functioneren, hij leeft al drie jaar in een roes. Hij weet heel goed dat hij stom is geweest en dat het verkeerd was. Meermaals stond hij op het punt om het te bekennen, maar dan had hij ook de anderen moeten verraden. Dat durfde hij niet. Het was dan ook een grote opluchting voor hem toen de waarheid aan het licht kwam.”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.